Wie
Cuba zegt, denkt aan sigaren, Fidel en de lichte hoofdpijn
die je hebt na een avondje teveel Cuba Libres drinken.
Maar wie dit grootste eiland van het Caribisch gebied bezoekt
zal er geen kater aan overhouden! Het land is een interessante
bestemming, vol met koloniale pracht waar soms de jaren
'50 nog tot leven komen als je al die oldmobiels rond ziet
rijden. Of je nu rond wil reizen of vakantie op het strand
wil vieren, het is allemaal mogelijk.
Toch is het nog niet zo lang geleden dat een vakantie naar
dit exotische land vrijwel onmogelijk was. Cuba is namelijk
sinds het begin van de jaren zestig een anti-Amerikaanse
en communistiscvhe staat. Hierdoor werden de grenzen jarenlang
gesloten gehouden voor het toerisme. Fidel Castro leidt
sinds die tijd het land nadat hij het bevrijdde van dicator
Batisa (die door de Verenigde Staten gesteund werd). Amerika
verbrak alle banden met het land, wat tot op de dag van
vandaag nog van kracht is. Noodgedwongen moest Castro steun
zoeken bij andere bondgenoten en hij vond dit bij China
en Rusland. De toeristen die sinds die tijd Cuba bezochten
waren dan ook voornamelijk van hen afkomstig.
Na het vallen van het Oostblok en hiermee de economische
hulp van zijn bondgenoten, werden alsnog de grenzen opengesteld
voor westerse (rijke) toeristen.
Klimaat
Het klimaat op Cuba is bijna het hele jaar ideaal. De gemiddelde
temperatuur is 25 °C; in de koudste maand, januari,
is de temperatuur gemiddeld 21 °C. Juli en augustus
zijn de warmste en vochtigste maanden; dan kan de temperatuur
hier en daar (vooral in het oosten) oplopen tot 40 graden.
Gelukkig zorgt de noordoostpassaat voor een verfrissend
windje.
De natte
periode loopt van mei tot september. Dan valt er dagelijks
wel een bui, maar het regent zelden een hele dag. Het gemiddelde
aantal dagen met zon is 330! Het zeewater is het
Natuur
Overal op het eiland staan palmen, meer dan 70 miljoen,
zegt men. Ze staan langs de wegen en de velden, tussen de
tabaksplantages en aan de rand van de weilanden. Aan het
strand staan ze, en op stille patios, langs drukke boulevards,
rondom monumenten, of in dichte bossen tussen de bergen.
Muggen
zijn de onaangenaamste beesten op Cuba, en niet eens malariamuggen,
want die zijn uitgeroeid. Wilde of giftige dieren zijn er
niet. Zelfs de mensen zijn er ongevaarlijk. Een ander prikbeestje
is een iets minder gemeen soort paardenvliegje dan de Hollandse,
genaamd jején. Behalve deze twee zijn er nòg
zo’n 6998 soorten insecten!
Taal
Het Spaans dat op Cuba wordt gesproken, is in het begin
moeilijk te verstaan. De Cubanen spreken razendsnel en ze
slikken de helft van de woorden in; ze spreken de eind-s
niet uit, ook niet aan het eind van een lettergreep, terwijl
ze de z en de c als s uitspreken. ‘Tot straks’
of ‘tot ziens’ wordt ‘ta luego, in plaats
van hasta luego. ‘Voor mij’ wordt pa’
mi. Volgens henzelf komt dat doordat het een aangeleerde
taal is. De uit Afrika geïmporteerde slaven, de basis
van de bevolking, leerden de taal van hun meesters, door
imitatie.
Cubanen
gebruiken veel bijnamen die de boel verduidelijken: een
bus met geledingen is een acordeón, een Suzuki-busje
noemen ze een huevo, een ei, omdat het ding zo slecht op
de weg ligt. Omdat er voor de Cubanen bijna geen vlees is
en iedereen maar een paar keer per week een ei krijgt, net
genoeg om in leven te blijven, heten eieren salvavidas,
reddingsboeien
Eten
Voor een uiterst verfijnde keuken moet u niet naar Cuba
gaan. Het Cubaanse eten is weinig gevarieerd, nogal vet,
rijk aan koolhydraten en niet erg gekruid. De Spanjaarden
introduceerden indertijd rijst, citrusvruchten en varkens-
en rundvlees op het eiland, de Afrikanen brachten van hun
geboorteland de broodvrucht mee, en gebruikten de inlandse
knolgewassen (tubercules). Langzamerhand vermengden de twee
invloeden zich tot de typisch creoolse keuken zoals die
nu nog op Cuba te proeven valt.
Het
traditionele basisvoedsel is moros y cristianos: rijst (arroz)
met zwarte bonen (frijoles negros); of congrís: rijst
met rode bonen (frijoles colorados). Puré africana
is zwarte-bonensoep, witte-bonensoep heet puré bretoña,
San Germán is erwtensoep en San Cristóbal
is soep van rode bonen. Crema aurora is een soep, bestaande
uit een witte roux met tomatensaus, crema de queso is dezelfde
roux met kaas erop, crema a la reina een roux met kip.
De boniato
(zoete aardappel) wordt veel gegeten. Yuca (in het Afrikaans
maniok) is een populaire groente, bleek-geel en een beetje
melig. Er wordt cassavebrood van gemaakt, zoals de Indianen
al deden. Malanga is net zo’n soort populaire knol.
Viandas is de verzamelnaam voor knolgroenten en groene bananen
(plátanos verdes). Deze laatste worden ook veel gebruikt
als groente -in plakken gebakken (plátanos fritos)
of als chips (mariquitas). In het oostelijk deel van Cuba,
in Santiago de Cuba, worden ze geprakt, fufú. Het
is een melig hapje, maar daar horen dan knapperig uitgebakken
stukjes varkenszwoerd (chicharrones) doorheen, en dan is
het heel lekker. Het moet het hoofdbestanddeel van het voedsel
geweest zijn van de guerrilleros in de Sierra Maestra.
Dranken
Café cubano of café criollo is een klein kopje
sterke koffie, soms met de suiker er al in. Met café
americano wordt een grote kop slappe koffie bedoeld. Bij
het ontbijt drinken de Cubanen meestal café con leche,
drie kwart hete melk, een kwart koffie.
In verschillende
provincies zijn verschillende merken bier (cerveza) te koop:
in Pinar del Río Princesa en in Holguín Mayabe.
Wijn is niet erg populair en over het algemeen vrij duur.
Rum is een edel bijproduct van het suikerriet en is er in
verschillende soorten: aguardiente, de traditionele brandewijn
van de boeren en suikerrietsnijders; carta blanca, lichte
drie jaar oude droge rum, geschikt voor cocktails, maar
wat slap voor gewone consumptie; carta oro, goudgeel, vijf
jaar oud en een stuk lekkerder; en añejo, zeven jaar
oud, op fust gelagerd, goudbruin en een beetje cognacachtig.
Kenners drinken deze laatste a la roca, met ijsblokjes.
Accommodaties
De hotels in Cuba, vooral die voor het internationale toerisme,
bieden totale verzorging en vermaak. Behalve de restaurants,
bars en cafeteria’s, zijn er winkels (tiendas) en
toeristenbureaus, vaak is er een postkantoor en een disco,
meestal is er een zwembad. De ruimte om het zwembad wordt
altijd gebruikt voor veel animación, letterlijk vrolijkheid,
in de vorm van shows, muziek en dansspelletjes.
Sommige
hotels met twee sterren of minder zijn weinig comfortabel
en verwaarloosd. Hoewel dat snel kan veranderen: er wordt
veel gebouwd en gerestaureerd. Wel zijn het vaak mooie jugendstil-gebouwen,
in het centrum van de steden, in tegenstelling tot de nieuwe,
luxueuzere hotels die buiten het centrum gebouwd zijn.
Openbaar
vervoer
De trein is langzamerhand het belangrijkste en meest frequent
rijdend vervoermiddel. Maar daar moet de reiziger voorbereid
zijn vertragingen en oponthoud vanwege panne blijmoedig
ondergaan. Gelukkig altijd in gezelschap van vriendelijke
en vrolijke Cubanen. Ongeveer alle delen van het eiland
zijn per trein te bereiken, en dat doen bijna 14 miljoen
Cubanen per jaar.
Van
het openbaar vervoer in de stad is op het ogenblik erg weinig
te zeggen. De bus heet guagua (uitspreken als whawha), maar
de Cubanen hebben hem de bijnaam aspirina gegeven: de bus
verlicht de pijn van het wachten. In de uitgestrekte stad
Havana is een groot aantal lijnen tijdelijk opgeheven en
er zijn een paar nieuwe ingezet met andere routes.
Wachttijden
zijn heel lang, en áls de bus eindelijk komt, is
hij afgeladen. Armen steken aan alle kanten uit de raampjes
en als er een lege auto langsrijdt, met alleen de chauffeur
erin, maken alle armen de grappige beweging waarmee Cubanen
je gebaren dichterbij te komen.
Plaatselijk
vervoer
In de steden bestaan de collectivos nog steeds: het systeem
waarbij een aantal mensen samen een taxi neemt. Maar de
wegen van een lokale taxi zijn wonderbaar: het is de taxichauffeur
die bepaalt waar hij heengaat en niet de klant.
Bij
de meeste hotels staan turisttaxi's. Het is beter die te
nemen: u kunt ze vragen u weer op te komen halen op een
bepaalde tijd. Want dat is de grote moeilijkheid: er is
geen lokale taxi meer te vinden als u na genoten plezier
in het hartje van de stad weer terug wilt naar uw afgelegen
hotel. Om een indicatie van de prijs te geven: buiten de
bebouwde kom kost een taxi ongeveer 0,85 dollarcent per
km. In Havana kost de taxirit van het Comodoro-hotel naar
het oude centrum, een rit van ruim een kwartier, zeven à
acht dollar.
Praktische
zaken
Douane
en grensformaliteiten
U hebt een geldig paspoort nodig, uw terug- of doorreisticket,
plus een toeristenkaart. Als u langer dan een maand op Cuba
wilt verblijven, moet u zich na een maand melden bij de
vreemdelingenpolitie op Cuba voor een visum.
Voor
een zakenreis hebt u een visum nodig. Daar moet u langer
op wachten: ongeveer zes weken. Om Cuba binnen te mogen,
moet u ten minste twee overnachtingen in een hotel geboekt
hebben.
U mag
zo veel dollars en andere valuta (behalve de Cubaanse) invoeren
als u maar wilt. Etenswaren mag u niet meenemen, dus geen
vlees, vis, groenten, kaas of fruit. U mag drie flessen
drank meebrengen en een slof sigaretten. Dieren zijn welkom
als ze de nodige papieren hebben en ze moeten 14 dagen in
quarantaine.
De Cubaanse
peso, die u trouwens nauwelijks nodig hebt, mag u niet uitvoeren.
Verder mag u geen inheemse natuurproducten uitvoeren, zoals
schelpen en slakkenhuizen; en zeker geen producten van beschermde
planten- en diersoorten, dus geen zwart koraal, schildpadschild,
vlinders, ivoor of reptielenhuid. Om krokodillenproducten
uit een Cubaans broedgebied mee te nemen, moet u papieren
hebben die aantonen dat u ze op wettelijke wijze hebt aangeschaft.
Gezondheid
De medische verzorging is goed en kosteloos. Voor iedere
120 Cubaanse gezinnen is er één huisdokter.
Iedere provincie heeft een Aids-ziekenhuis. Negen miljoen
mensen zijn getest op Aids en er zijn ongeveer 700 gevallen
van Aids op het eiland bekend. Het beleid is erop gericht,
de patiënten te isoleren.
Sinds
kort zijn er kleine klinieken voor buitenlanders; daar moet
u dus betalen, minimaal 15 dollar. En ieder hotel heeft
een medische hulppost (posta medica of cruz roja). Mocht
u onverhoopt in een normaal ziekenhuis terechtkomen, dan
is de behandeling gratis. Waarschijnlijk moet u dan wel
uw medicijnen betalen, maar die zijn over het algemeen goedkoop.
Er zijn
veel apotheken, ook in de provincie. Sommige zijn erg mooi.
Op de apotheken die 24 uur open zijn, staat turno permanente;
apotheken zijn ook te herkennen aan de afwezigheid van een
rij.
Het
water is drinkbaar, hoewel het niet overal even lekker smaakt.
Al het eten is schoon; alles is trouwens schoon.
Geldzaken
De Cubaanse peso bestaat uit 100 centavos in munten van
5, 20 en 40 centavos. De peso bestaat als munt en als biljet.
Het biljet van 1 peso is olijfgroen, met aan de ene kant
een plaatje van José Martí en aan de andere
kant een afbeelding van de triomfantelijke entree van Castro
en zijn leger in Havana op 8 januari 1959.
Het 3 peso-biljet is rood, met aan de ene kant een portret
van Che Guevara en aan de andere kant een plaatje van hem
als machetero aan het werk, met de tekst ‘Che -stuwende
kracht van het vrijwilligerswerk’.
Omdat
in Cuba alles schaars en op de bon is, zijn de gewone winkels
zo ongeveer leeg. Buitenlanders kunnen bijna niets kopen,
niet omdat het niet mag, maar omdat het er niet is. Alleen
in de diplomaten- en dollarwinkels is van alles te koop.
Sinds kort kunnen de Cubanen daar ook terecht, hoewel ze
zich soms moeten legitimeren.
Dan
zijn er nog de certificados de devisa ofwel de B-certificaten.
Die zijn net zo veel waard als de dollar. Dit geld is enkele
jaren geleden speciaal vervaardigd voor de toeristenindustrie,
om de schaarste aan dollars enigszins te overbruggen. Wisselgeld
in B-certificaten moet u weer snel uitgeven, want dat is
buiten Cuba niet te gebruiken. Uw wisselbon voor pesos moet
u ook goed bewaren, want als u het land verlaat, kunt u
tot een maximum van 10 pesos uw overgebleven geld inwisselen
voor dollars, als u tenminste kunt bewijzen dat u er legaal
aan bent gekomen.
Behalve
met dollars en certificaten, kunt u ook met travellers cheques
of met credit cards, als die niet uitgegeven zijn in Amerika.
Uw American Express-kaartje kunt u beter thuis laten, daar
kunt u niets mee in Cuba. Als u travellers cheques wilt
inwisselen, moet u er rekening mee houden dat de deviezenvoorraad
van de hotels, en soms ook van de banken, beperkt is. U
kunt beter cheques meenemen in kleine coupures.
Tijdsverschil
In Cuba noteert men de tijd op de Amerikaanse manier: van
middernacht tot 12 uur in de ochtend is het AM, van 12 uur
tot middernacht PM. Dus 15.30 uur is 3.30 PM. Het is in
Cuba zes uur vroeger dan in Nederland en België.
|