Gambia
(eigenlijk: The Gambia ) ligt in West-Afrika, aan de Atlantische
Oceaan. Deze voormalige Britse kolonie is de kleinste zelfstandige
staat in Afrika. Met ruim 11.000 vierkante kilometer is
het land ongeveer één vijfde van Nederland
en België samen. Gambia is in feite een lange strook
land, doorsneden door de gelijknamige rivier. Het land is
nauwelijks breder dan 35 kilometer, met uitzondering van
de kuststrook, die bijna 50 kilometer breed is. Vanaf het
uiterste westen tot aan de oostelijke grens is Gambia ruim
320 kilometer lang.
Gambia
wordt aan drie zijden ingesloten door Senegal. Senegal is
ruim zeventien keer zo groot als Gambia. Er bestaan nauwe
banden tussen de twee landen. Gambia telt ruim één
miljoen inwoners.
Hoewel
het land maar smal is, kun je in Gambia een fantastische
vakantie beleven. Genieten van de stranden, heerlijke temperaturen
en een prachtige natuur. Iedereen kan iedereen hier zijn
hart ophalen!
Gambia is een waar paradijs voor vogelliefhebbers en sportvissers.
Klimaat
Subtropisch klimaat dat onderverdeeld is in twee hoofdseizoenen
: het droge seizoen en het regenseizoen: Het droge seizoen
loopt van half september tot eind mei en het regenseizoen
ligt tussen juni en half september.
Het droge seizoen loopt van half september tot eind mei
en het regenseizoen ligt tussen juni en half september.
Klimaattype: Subtropisch klimaat Gem. temp. zomer: Gem.
temp. winter: Gem. neerslag in mm.: Zomer / Winter: RegenSeizoen:
Van juni tot okt
Flora
Subtropen
Gambia ligt in de subtropen. Dat betekent dat er letterlijk
van alles groeit en bloeit. Er is een grote verscheidenheid
aan vegetatie. Palmbomen, kapokzijde- of katoenbomen en
de opvallende apenbroodbomen ( baobab ) vind je in het gehele
land. Langs de rivier en haar zijarmen ( bolongs ) komen
uitgestrekte mangrovemoerassen voor.
Olifantsgras
Bij de lagere gewassen valt vooral het olifantsgras op.
Je ziet onmiddellijk waar het zijn naam aan ontleent. Het
is een enorm hoge grassoort die, net als onkruid, overal
groeit waar je het niet kunt gebruiken.
Bamboe
Je vindt vrijwel alle bekende bamboesoorten in Gambia. De
loten ervan zijn een delicatesse voor veel diersoorten.
Het bamboe zelf wordt, behalve als basismateriaal voor huizenbouw,
ook gebruikt om houtskool van te maken. Verder kent het
land vele exotische bloemsoorten.
Fauna
Vogelsafari
Gambia is een paradijs voor de vogelliefhebber en je komt
er dan ook de meest exotische vogelsoorten tegen. Regelmatig
worden er nieuwe soorten ontdekt. Tot heden telt het land
meer dan 450 verschillende soorten vogels. Sommige komen
alleen in Gambia voor.
Groot wild
Voor het bekijken van groot wild ben je aangewezen op de
nationale parken. De laatste in het wild levende giraffe
verdween uit Gambia aan het eind van de vorige eeuw. De
laatste olifant verdween aan het begin van deze eeuw. Diverse
buffelsoorten en antilopen zijn ooit aanwezig geweest, maar
grotendeels door de mens verdreven of uitgeroeid. Er komt
nog enig groot wild voor in Gambia, maar deze zie je slechts
bij hoge uitzondering in zijn natuurlijke omgeving. Uitzonderingen
zijn (de stroomopwaarts levende) krokodillen en nijlpaarden.
Aan de zeekant en in de riviermonding komen dolfijnen voor,
die zich over het algemeen gemakkelijk vertonen.
Apen
Het ontdekken van apen is nog eenvoudiger. Er leven verschillende
kleinere aapsoorten in Gambia en ze bevinden zich letterlijk
overal.
Klein wild
Verder zijn er nog wat kleine antilope-soorten in Gambia,
wilde zwijnen (aardvarkens) en wratte-zwijnen.
Reptielen
Lager bij de grond kun je met slangen en hagedissen kennismaken.
Ook in het water komen slangen voor. Sommige hebben een
dodelijke beet.
Vissen
In de zee, in de rivier Gambia en in de kreken door de mangrovegebieden
leven vele vissoorten. Het gaat daarbij soms om zeldzame
soorten, zoals de gitaarvis of de longvis. Er zijn ook vissen
die je met hun stekels of vinnen lelijk kunnen belagen.
Het is een belangrijke reden om niet zonder begeleiding
van een deskundige de hengelsport te beoefenen.
De rivier is als gevolg van het ontbreken van barrières
zo'n 150 á 180 kilmeter (in het droge seizoen zelfs
tot 240 kilometer) uit de kust zout tot brak.
Bevolking
en cultuur
De samenleving in Gambia wordt gevormd door een aantal stammen
die in goede harmonie met elkaar leven. De belangrijkste
zijn:Mandinka, Wolof, Jola, Fula
Godsdiensten
Gambia is een islamitisch land. Men gaat ervan uit dat ongeveer
tachtig procent van de bevolking tot de islam behoort. Volgens
de officiële opgave is dit negentig procent. De overige
tien procent behoort tot een andere kerk, met name tot de
anglicaanse en de rooms-katholieke. Verder zijn er (vaak
geconcentreerde) groepen methodisten, zevende-dag-adventisten
en zelfs aanhangers van de baha'i-leer . Deze leer kun je
vergelijken met het humanisme.|
Alhaji
Namen worden vaak voorafgegaan door het woord Alhaji . Dit
betekent dat degene die achter de naam schuilgaat een pelgrimstocht
naar Mekka heeft gemaakt. Handelaren maken vaak gebruik
van deze titel, het geeft aanzien (en klandizie).
Polygamie
Polygamie komt veelvuldig voor in Gambia. Volgens de islam
mag een man vier vrouwen hebben. Het systeem van familieverhoudingen
is daardoor soms ingewikkeld. Als iemand over zijn broer
spreekt, kan dat net zo goed zijn halfbroer of zijn neef
zijn. Maar ook de mededeling dat broers verschillende vaders
én verschillende moeders hebben, is niet vreemd.
Ze zijn opgegroeid in dezelfde compound , waarschijnlijk
onder hetzelfde dak waar hun vaders als broers, of hun moeders
als zusters ooit besloten samen te gaan wonen.
Compounds
De meeste dorpen op het platteland zijn opgebouwd uit verschillende
compounds . Een compound is de kleinste leefgemeenschap.
Ze bestaat uit diverse gezinnen, met aan het hoofd de oudste
man. Deze oefent het gezag uit en is verantwoordelijk voor
alles wat er zich binnen zijn compound afspeelt. Zonder
zijn toestemming wordt er niet getrouwd, vindt er geen naamgevingsplechtigheid
plaats en volgen kinderen geen onderwijs. Voor alle belangrijke
zaken binnen de compound is zijn mening doorslaggevend.
Ook treedt hij op als bemiddelaar bij meningsverschillen.
Over het algemeen leven families van dezelfde afstamming
in één compound . De oudste man is vaak de
vader van de families binnen de compound , of de oudste
zoon.
Dorpsbestuur
Een dorp wordt bestuurd door de gezamenlijke oudste mannen.
Hierbij is degene wiens familie het langst in het dorp woont
de verantwoordelijk man. Men noemt hem de Alkalo .
Ook in streekverband kent men nog een gezagsorgaan. Deze
bestaat uit de oudsten van bij elkaar behorende of op elkaar
aangewezen dorpen. Zij beslissen gezamenlijk over zaken
van gemeenschappelijk belang. Of liever gezegd: zij adviseren
het districtshoofd of diens afgevaardigde over zaken die
hun gemeenschappelijk belang aangaan, bijvoorbeeld over
de plaats waar een nieuwe waterput moet komen of over de
bouw van een moskee.
Vriendelijkheid
De Gambianen beweren van zichzelf dat ze het vriendelijkste
volk ter wereld zijn en dat in Gambia niets een probleem
is. In grote lijnen kloppen beide beweringen. In de toeristengebieden
heeft de vriendelijkheid vaak een commerciële bijbedoeling.
Maar als eenmaal duidelijk is dat er niets te verdienen
valt dan blijft de vriendelijkheid en de oprechte belangstelling
meestal bestaan.
Moskeeën
Door het gehele land vind je moskeeën. De grootste
staat in de hoofdstad Banjul en heet toepasselijk Grote
Moskee . In het binnenland, waar de huizen van riet, bamboe,
bladeren en leem gemaakt zijn, valt de vaak kleurrijke moskee
direct op.
Staat
Republiek
Gambia is een republiek met aan het hoofd een president.
Het kent maar één kamer, de National Assembly
. De gang van zaken binnen het parlement lijkt sterk op
die van het Britse Lagerhuis. Het waren dan ook de Britten
die vorm gaven aan de republiek. In 1964 werden voor het
eerst algemene verkiezingen gehouden.
Onafhankelijkheid
Op 4 oktober 1963 startte men met de voorbereidingen voor
de onafhankelijkheid, die op 8 februari 1965 een feit werd.
Op 24 april 1970 werd de republiek Gambia uitgeroepen. Alles
bleef bij het oude, alleen de naam van de hoofdstad veranderde
van Bathurst in Banjul. Dit gebeurde echter pas in 1973.
Afgezet
Op 22 juli 1994 zetten militairen de eerste president van
Gambia, Sir Dawda Kairaba Jawara af onder verdenking van
corruptie. Hij werd verbannen en zijn bezittingen werden
verbeurd verklaard. Luitenant (thans kapitein) Yahya A.J.J.Jammeh,
de leider van de staatsgreep, volgde Jawara op. Gedurende
de tweede helft van 1996 werden achtereenvolgens een referendum
over de grondwet, parlements- en presidentsverkiezingen
gehouden.
Onbetrouwbaar
Berichtgeving over de politieke toestand in Gambia in de
pers is vaak onbetrouwbaar.
Economie
Landbouw
en visserij
Gambianen leven van landbouw en visserij. Het belangrijkste
exportartikel is de pinda, gevolgd door (gedroogde en gerookte)
vis. Gambia heeft weinig industrie en moet vrijwel alles
wat verder nodig is invoeren. Om die reden is Gambia geen
goedkoop land. De toeristenindustrie is één
van de belangrijkste economische pijlers aan het worden.
Eten
Traditionele gerechten
De traditionele Gambiaanse keuken bestaat uit gerechten,
die op de één of andere manier iets te maken
hebben met de belangrijkste producten van het land: pinda's,
rijst, couscous, kip en vis. Het wordt klaargemaakt boven
een open vuur.
Bijgerechten
Als je niet in een restaurant eet dat op toeristen is ingesteld,
pas dan op. Houd er rekening mee dat de olie waarin de producten
worden klaargemaakt niet altijd aansluit bij hetgeen de
westerse ingewanden gewend zijn. Droge rijst en droog brood
zijn dan prima bijgerechten.
Praktische
info
Taal
De officiële taal in Gambia is Engels. Het wordt gesproken
in het parlement, bij de rechtspraak en bij alle officiële
gebeurtenissen. Ook op de scholen is Engels de voertaal.
Vrijwel iedereen kan zich in de Engelse taal uitdrukken.
Geld
Munteenheid
De Gambiaanse munteenheid heet dalasi . De dalasi is onderverdeeld
in honderd butut. Er zijn munten van 1, 5, 10, 25 en 50
butut en 1 dalasi, biljetten komen voor in de waarden 5,
10, 25 en 50 dalasi.
Terugwisselen van dalasis op het vliegveld is geen probleem.
Je mag maximaal 75 dalasis uitvoeren.
Visum
Reizigers die de Nederlandse of de Belgische nationaliteit
bezitten, hebben geen visum nodig.
Vervoer
in land
Openbaar
vervoer
Reizen per openbaar vervoer is in Gambia alleen aan te bevelen
voor de ervaren reiziger. Nieuwkomers kunnen de uitstapjes,
die vanuit elk hotel worden georganiseerd, het beste in
groepsverband maken.
Bussen
Officieel zijn er geregelde busdiensten in Gambia. Het centrum
van het openbaar vervoer bevindt zich in Serekunda. Vandaar
kun je via de zuidoever van de rivier Gambia in elk geval
tot Basse Santa Su komen, soms zelfs tot Fatoto. Via de
noordoever kun je Lameng Koto (nabij Georgetown) met openbaar
vervoer bereiken.
Minibusjes
Minibusjes, ook bushtaxi's genoemd, onderhouden geregelde
diensten tussen bepaalde plaatsen. Voor een belachelijk
lage prijs kun je op die manier veel van het land zien en
vooral kennismaken met de lokale bevolking. Het is een weinig
comfortabele manier van reizen, maar voor een dagje avontuur
een aanrader.
Taxi's
Verreweg de meest aangewezen manier van vervoeren is het
gebruik van taxi's. Vlak bij de hotels tref je er altijd
wel een aantal. De prijs wordt vooraf afgesproken. De taxi's
zijn niet met meters uitgerust.
Veerboot
Op een tiental plaatsen tussen Banjul en Fatoto kun je de
rivier Gambia met een veerboot oversteken. Op officiële
veerboten, met uitzondering van die tussen Georgetown en
Sankula Kunda, krijg je geen wisselgeld terug!
Autoverhuur
Op bescheiden schaal is het mogelijk om een auto te huren.
Je dient dan in het bezit te zijn van een geldig internationaal
rijbewijs. De minimum leeftijd is 25 jaar. Een tocht door
het land op eigen gelegenheid wordt afgeraden.
Bromfietsen
Gambia is bijna nog vlakker dan Nederland. Alleen zijn de
wegen veel slechter en is de temperatuur hoger. (Brom)fietsen
behoort tot de mogelijkheden. Het huren van een fiets of
bromfiets is in de omgeving van de meeste hotels geen probleem.
Beziensvaardigheden
Banjul
De hoofdstad Banjul is de enige havenplaats van betekenis.
Een bezoek aan de Grote Moskee , de Albert Market en Arch
22 is de moeite waard. Het nationale museum is aan permanente
veranderingen onderhevig. De collectie wordt gedeeltelijk
ondergebracht in het Independence stadion in Bakau. Dit
is geen reden om het museum over te slaan. Houd er wel rekening
mee dat ze er veel tentoonstellen op een betrekkelijk klein
oppervlak. Je moet er veel lezen om een goede indruk te
krijgen.
Stranden
Gambia is een land met een uitstekend klimaat en prachtige
stranden. Voor een strandvakantie kun je er dus prima terecht.
Het zou wel jammer zijn als je niet verder kijkt dan het
strand bij het hotel.
Nationale parken
Gambia kent verschillende nationale parken en natuurreservaten:
Het Baboon Island National Park , oostelijk van Georgetown,
is niet toegankelijk. Hier leven, behalve de te verwachten
bavianen, de enige in Gambia overgebleven chimpansees.
Het Kiang West National Park is het grootse nationale park.
Op 11.000 ha vindt men o.a. diverse soorten tropisch woud,
mangrove moerassen en andere landschappen, zoals savannen.
Het Bijilo park , gelegen nabij Kololi, is te voet bereikbaar
vanuit diverse hotels. Het park herbergt een schat aan vogelsoorten.
Bovendien zijn ook hier de apen goed vertegenwoordigd.
Steden en dorpen
De steden in Gambia zijn meestal ontstaan door de samenvoeging
van dorpen of compounds , de vestiging van handelsposten
of vanwege de strategische ligging. De naam van veel plaatsen
eindigt op kunda . Het betekent 'huis van' of 'plaats van'.
De grootste stad is Serekunda met 275.000 inwoners, de op
één na grootste is de hoofdstad Banjul waar
ruim 40.000 mensen wonen. Verder zijn Brikama, Bakau en
Sukuta steden van betekenis. Landinwaarts vind je Soma,
Farafenye en Basse Santa Su. De dorpen liggen vaak op loopafstand
van elkaar in verband met de nabijheid van een bron.
Dorpsplein
De huizen in een dorp zijn meestal opgetrokken vanaf een
lemen vloer. Gevlochten bamboematten worden rechtop op de
vloer geplaatst, met elkaar verbonden en afgesmeerd met
klei. De daken zijn meestal van riet of van bladeren. In
dorpen die op een geschikte plaats liggen, worden stenen
gebakken, opgestapeld en afgesmeerd met klei of leem. Heeft
men er het geld voor, dan gebruikt men cement. In de kuststrook
en het aangrenzende gebied wordt ook vaak golfplaat toegepast.
Dorpen worden opgebouwd rond een gemeenschappelijke plaats,
die bantaba (groot plein) wordt genoemd. Meestal staat in
het midden van de bantaba een grote boom die veel schaduw
geeft, bij voorkeur een baobab . Het sociale leven van een
dorp speelt zich daar af.
Gambiaanse Stonehenge
Bij Wassu en Kerr Batchm vind je stenen cirkels, vergelijkbaar
met die van Stonehenge in Groot-Brittannië, maar veel
jonger en veel kleiner. Ze markeren de plaatsen waar vroegere
stammen hun aanvoerders en krijgers begroeven. Er is hierover
nog veel onopgehelderd. Dat geldt trouwens voor een belangrijk
gedeelte van de Gambiaanse geschiedenis.
Georgetown
Georgetown is, net als Juffureh, een plaats die een belangrijke
rol speelde in de geschiedenis van de slavenhandel. De historische
gebouwen verkeren in een betere staat dan in andere steden,
maar zijn slecht onderhouden. De Armitage High School ,
de vroegere chiefsschool is hier nog steeds gevestigd.
Fajara
Fajara is vooral bekend om zijn golfbaan met achttien holes.
Minder bekend, maar zeker een bezoek waard, is de uitstekend
onderhouden erebegraafplaats. Hier vonden militairen van
diverse nationaliteiten, die tijdens de Tweede Wereldoorlog
omkwamen, hun laatste rustplaats
|