Noorwegen
is een lang, grillig, smal land en gelegen in Noord-Europa.
Het grenst aan Zweden, Finland en Rusland in het oosten
en aan de Noordzee in het westen.
Oslo is de hoofdstad. Enkele andere belangrijke steden zijn:
Bergen, Stavanger, Trondheim en Tromsø. Qua oppervlakte
is Noorwegen het vijfde land van Europa en daarmee ruim
8 keer groter dan Nederland, terwijl het zo’n 4,5
miljoen inwoners telt. Daarvan woont ongeveer 70% in steden
en dorpen en dat houdt weer in dat Noorwegen een dunbevolkt
land is. Noorwegen staat bekend om zijn natuurschoon, en
met name om zijn fjordengebied in het westen van het land.
Maar het land kent ook een indrukwekkend hooggebergte, uitgestrekte
hoogvlakten, grote bosrijke gebieden en een keur aan grote
en kleine rivierdalen en meren. In totaal viervijfde van
de oppervlakte is hoger gelegen dan 150 meter, terwijl een
kwart van het oppervlak uit bosgebied bestaat.
Zoals reeds genoemd is Noorwegen een langgerekt land: de
afstand van Kaap Lindesnes in het zuiden tot de Noordkaap
in het uiterste noorden bedraagt 2518 kilometer. Bijna de
helft van het land strekt zich boven de zogeheten poolcirkel
uit.
Klimaat
In Noorwegen wordt wel eens gekscherend gezegd: 'Slecht
weer bestaat niet, wel slechte kleding.' En dat geeft meteen
aan dat je allerlei weertypen in Noorwegen kunt verwachten.
Hoe komt dat? Ten eerste door de langgerekte vorm van het
land. Het spreekt voor zich dat er een groot verschil bestaat
tussen het klimaat in Oslo en dat op de Noordkaap, twee
plaatsen die meer dan 2000 kilometer van elkaar verwijderd
zijn. Verder is er de invloed van de bergen. Zo heeft het
oosten van Noorwegen, dat als het ware ‘achter de
bergen’ ligt, in de zomer een vrij droog en zonnig
landklimaat, terwijl in het westelijk fjordengebied een
zeeklimaat heerst met meer neerslag. In de winter is het
net andersom: dan is er langs de kust meestal sprake van
zachte winters met relatief weinig sneeuwval, terwijl de
temperaturen in het binnenland vaak tot ver onder nul kunnen
zakken en er de hele winter lang sneeuw ligt.
Maar de belangrijkste factor voor het Noorse klimaat is
toch wel de invloed van de warme golfstroom. Deze zorgt
voor een matigende invloed op het klimaat, waardoor het
in Noorwegen veel warmer kan worden dan men op deze noordelijke
breedtegraden zou verwachten. In de zomer kunnen de temperaturen,
ook in het noorden, oplopen tot 25-32 graden Celsius. Doordat
de golfstroom warm zeewater langs de Noorse kust voert,
blijven ook in de winter de Noorse havens ijsvrij. Het (korte)
voorjaar kenmerkt zich vaak door mooi weer, waarbij de natuur
in korte tijd uitbundig tot bloei komt. Het najaar kent
ook vaak mooi weer, hoewel de temperaturen dan met name
in het binnenland al dalen. Ook dit seizoen is kort, waarbij
de natuur zich weer van haar beste kant laat zien: in enkele
dagen tijd is heel de natuur getekend met de mooiste herfstkleuren.
Middernachtzon en Noorderlicht:
In de winter, met name in het gebied ten noorden van de
poolcirkel, is bij helder weer het noorderlicht, ofwel ‘Aurora
Borealis’ te zien. Dit fascinerende natuurfenomeen
wordt vaak verward met de middernachtzon, maar het zijn
twee totaal verschillende verschijnselen. Terwijl gedurende
de middernachtzon de zon 's nachts niet onder gaat (op de
Noordkaap: van 13 mei tot 29 juli, in Bodø: van 4
juni tot 8 juli) komt het noorderlicht juist voornamelijk
voor in de winter als de zon gedurende een bepaalde periode
niet boven de horizon verschijnt. Deze ‘mørkeperiode’
(donkere tijd), in welke het noorden gehuld gaat in een
continue schemering, duurt in Tromsø van eind november
tot half januari en op de Noordkaap zelfs van half november
tot eind januari! Het noorderlicht ontstaat doordat elektrisch
geladen deeltjes, met grote snelheden uitgestoten door de
zon, in de hoogste lagen van de dampkring terechtkomen en
daar gassen doen oplichten. Resultaat: een wonderlijk kleurenspel
aan de heldere poolhemel.
Flora
en Fauna
Noorwegen is mooi en ongerept. Het Noorse landschap is vol
afwisseling en telkens weer verrassend.
Noorwegen is bedekt met uitgestrekte wouden, vooral naaldbossen.
Aan de Hardangerfjord kan men in het late voorjaar ook genieten
van de bloesempracht omdat in dit gebied veel fruitbomen
groeien. Afhankelijk van het landschap is er een grote variëteit
aan planten en mossen te vinden. Naar het noorden toe wordt
het landschap ruiger en nemen bomen- en plantengroei af.
Slechts de berk weet zich daar te handhaven. Rendiermos
en lage struiken zijn hier de enigen die de ?strijd? met
het ruige klimaat aankunnen.
De Noorse dierenwereld is minstens zo bijzonder, onder aanvoering
van de eland. Deze ietwat plompe viervoeter is met name
's avonds laat of 's ochtends vroeg te bewonderen en komt
het meest voor in Zuid-, Oost- en Fjell-Noorwegen. In sommige
schaars bevolkte gebieden van Noorwegen (met name in het
oostelijk grensgebied tussen Noorwegen en Zweden en in het
Noors-Russische grensgebied) komt de bruine beer nog voor.
Dat geldt ook voor andere roofdieren zoals de wolf, de veelvraat
en de lynx. Vooral in het noorden wordt de reiziger geconfronteerd
met rendieren. Soms alleen, vaak in kuddes trekken ze vrijelijk
rond. En dat betekent dat ze ook op de weg kunnen liggen,
staan of rondlopen.
In een land met zoveel water is het niet
verwonderlijk dat ook de bever in grote getale voorkomt,
net zoals vele vissoorten. De zalm en de bergforel zijn
hiervan de meest sprekende voorbeelden. Bijzonder is ook
het voorkomen van potvissen ten noorden van de Lofoten en
in het Tysfjord. In de fjorden en langs de uitgestrekte
kustlijn van Noorwegen komen verder zeehonden en bruinvissen
voor. Noorwegen is ook rijk aan vogels, met name aan watervogels:
allerlei soorten meeuwen, alken, eenden, zeekoeten en papegaaiduikers
komen in grote aantallen voor. In het kustgebied bij Bodø
komt de zeearend nog voor. De ruige rotskust en talloze
vogeleilanden, zoals Runde (bij Ålesund) en Røst
(op de Lofoten) vormen een ideale verblijfplaats voor de
miljoenen vogels.
Nationale
Parken:
Ter bescherming en tot behoud van karakteristieke landschappen
zijn er in geheel Noorwegen zogeheten Nationale Parken aangewezen.
Deze parken zijn niet omheind door hekwerken en altijd vrij
toegankelijk. Tegenwoordig zijn er in totaal 21 van deze
parken in Noorwegen. De bekendste zijn:
Hardangervidda - In het park leven ca. 12.000
wilde rendieren, de grootste kudde ter wereld. Saltfjellet/Svartisen
- In Nordland, direct ten noorden van de poolcirkel.
Jostedalsbreen - In Sogn og Fjordane. Het park ligt tussen
de Sognefjord en de Nordfjord. De Jostedalsgletsjer is de
grootste gletsjer van het Europese vasteland: 80 kilometer
lang.
Jotunheimen - Dit hooggebergte strekt zich uit over delen
van de provincies Oppland en Sogn og Fjordane. Rondane-
Tussen het Gudbrandsdal en het Østerdal/Atnedal (Oppland).
Dovrefjell- Tussen bekende dalen zoals het Gudbrandsdal,
het Romsdal, het Dividal, het Folldal en het Østerdal.
Bevolking
en cultuur
Noorwegen is een dunbevolkt land. Met een bevolkingsdichtheid
van ongeveer 13 inw/km2 kun je zeggen dat de Noren alle
ruimte hebben.
Het noorden van Noorwegen – met name de provincie
Finnmark -is het woongebied van de ‘Samen’.
De Samen vormen een aparte bevolkingsgroep met een eigen
taal en cultuur. In heel Noorwegen wonen ongeveer 24.000
Samen die vooral leven van de rendierteelt.
Noorwegen is rijk aan cultuur. Talloze overblijfselen uit
het vikingtijdperk zijn in Noorwegen terug te vinden, bijvoorbeeld
vikingschepen op het museumschiereiland Bygdøy bij
Oslo. Opvallend in het Noorse landschap is de middeleeuwse
houten kerk, de zogeheten staafkerk. Talloze openluchtmusea,
waar oude gebouwen, klederdrachten en folklore bewaard zijn
gebleven, laten weer andere aspecten zien van het Noorse
verleden. De mooiste openluchtmusea zijn te bewonderen in
Oslo en Lillehammer.
Verder zijn er tal van steden waarvan de historische kern
goed bewaard is gebleven. Bijvoorbeeld Gamle Stavanger,
het oude centrum van de havenstad Stavanger met zijn witte
huisjes. Of Ålesund, waar het in het begin van de
20e eeuw afgebrande centrum geheel in Jugendstil werd herbouwd.
Noorwegen heeft een groot aantal kunstenaars
van naam voortgebracht: Knut Hamsun, een schrijver met een
omvangrijk oeuvre en internationale uitstraling; Sigrid
Undset met haar prachtige historische romans en Henrik Ibsen,
een befaamd toneelschrijver. En niet te vergeten Edvard
Munch, een belangrijke schilder, waar in Oslo zelfs een
apart museum aan is gewijd. Ook op muziekgebied heeft Noorwegen
een grootheid voortgebracht. Edvard Grieg - componist van
o.m. de Peer Gynt Suite- wist de Noorse volksmuziek met
zijn prachtige composities tot een hoog artistiek niveau
te verheffen. Bekende Noorse namen van vandaag zijn onder
meer Jostein Gaarder, filosoof en schrijver van ‘De
wereld van Sofie’, actrice/regisseuse Liv Ullmann,
echtgenote van de Zweedse cineast Ingmar Bergman en ex-schaatser
en gouden medaillewinnaar Johan Olav Koss.
Staat
en politiek
Op 17 mei 1814 kreeg Noorwegen in het plaatsje Eidsvoll
zijn grondwet.
Als voorbeeld voor de Noorse grondwet gold de grondwet van
de Verenigde Staten van Amerika. Pas in 1905 werd de Unie
met Zweden opgeheven en werd Noorwegen een autonome, constitutionele
monarchie. Het koningschap heeft in Noorwegen een symbolische
functie, maar dankzij de vroegere koningen Haakon en Olav
en de huidige koning Harald is het koningshuis heel populair
bij de Noorse bevolking. Het parlement – genaamd ‘Storting’
- omvat 165 zetels. De afgevaardigden van het parlement
worden om de vier jaar gekozen. De belangrijkste partijen
in Noorwegen worden gevormd door de sociaal-democraten (AP),
de christen-democraten (KRF), de liberalen (Høyre,
FRP)en de linkse partijen. (SV, Venstre)
Economie
Noorwegen is een moderne welvaartsstaat met een hoge levensstandaard.
De belangrijkste industrieën zijn de olie-industrie,
de visserij, de scheepvaart, land- en bosbouw, veeteelt
en toerisme. Noorwegen is - dankzij grote voorraden in de
Noordzee - een belangrijke leverancier van aardolie en aardgas.
Daardoor is ook de chemische en petrochemische industrie
voor Noorwegen steeds belangrijker geworden. Stavanger is
het centrum van de olie-industrie. De visvangst is daarnaast
nog altijd van groot belang voor de Noorse economie. Overal
langs de westkust vormen de plaatsen aan het water een uitvalsbasis
voor de talrijke vissersschepen. De export van vis en visproducten
zoals kabeljauw, garnalen, zalm en stokvis levert de staatskas
jaarlijks miljarden Kronen op. Met name de eilandengroep
Lofoten is afhankelijk van de visvangst. Hier vindt men
ook de enorme rekken waaraan in het voorjaar de stokvis
wordt gedroogd. De landbouw was in Noorwegen al vroeg ontwikkeld
en dankzij het relatief gunstige klimaat konden en kunnen
er veel producten worden verbouwd. De regio rond de Hardangerfjord
wordt wel de ?Tuin van Noorwegen? genoemd. Daar waar mogelijk
wordt ook veeteelt uitgeoefend. Schapen en geiten lopen
bijvoorbeeld vaak vrij rond. Een befaamd Noors product is
de geitenkaas: geitost.
Eten
en drinken
De Noren zijn trots op hun culinaire tradities. Er bestaan
dan ook diverse typisch Noorse specialiteiten.
In de eerste plaats is Noorwegen natuurlijk het land van
de vis. Qua visgerechten heeft men dan ook keus in overvloed:
haring, forel, kabeljauw, makreel, kreeft, garnalen, en
natuurlijk zalm in allerlei variëteiten: gerookt, gekookt,
gestoofd en gemarineerd. Maar ook vlees heeft een prominente
plaats in de Noorse keuken. Typisch Noorse gerechten zijn
rendier-, eland- en lamsvleesgerechten, en natuurlijk het
nationale gerecht: ‘kjøttkaker’(voor
de Nederlanders te vergelijken met de vertrouwde gehaktbal).
Daarnaast kan men vaak ‘flatbrød’ op
tafel aantreffen: een flinterdunne broodsoort, gebakken
van ongezuurd deeg. Veel hotels serveren 's avonds een ‘koldtbord’,
waarbij in buffetvorm een keur van koude en warme gerechten
staat opgesteld. Soms wordt hierbij ook ‘rømmegrøt’
geserveerd, een pap gekookt van dikke, zure room, en opgediend
met suiker en kaneel. Dit is overigens geen dessert, maar
een hoofdgerecht.
Bijna alle restaurants hebben een vergunning voor wijn en
bier, grotere hotels hebben een volledige vergunning. De
prijzen voor sterke dranken liggen in Noorwegen beduidend
hoger dan in de rest van Europa. Alcohol kan uitsluitend
worden gekocht in de door de staat geëxploiteerde winkels.
Deze ‘vinmonopols’ zijn in steden en de meeste
grotere plaatsen te vinden. Bier is in de meeste supermarkten
in Noorwegen verkrijgbaar.
|